22-09-2026

Contractvernieuwing door IZA: van productieafspraken naar strategisch instrument voor zorgtransformatie

Elk voorjaar publiceren zorgverzekeraars hun zorginkoopbeleid, waarna de contracten voor het volgende jaar worden uitonderhandeld. In de contractronde voor 2027 staan het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) nadrukkelijk centraal. Zorgverzekeraars positioneren deze akkoorden expliciet als uitgangspunt voor de contractering, en daarmee als bepalend voor de transformatierichting van de zorg in de komende jaren.  

Zo noemt CZ in zijn zorginkoopbeleid 2027 de afspraken uit het IZA en AZWA “het gezamenlijke vertrekpunt”, en baseert Zilveren Kruis de vaststelling van het volume voor 2027 onder meer op de afspraken die in het IZA/AZWA zijn gemaakt. Daarmee verschuift de zorgcontractering van een primair productiegedreven exercitie naar een instrument om structurele zorgtransformatie af te dwingen.

In de IZA-transformatieplannen staan stevige ambities om de zorg toegankelijk en betaalbaar te houden. Denk aan het voorkómen van zorg (via leefstijl en zelfredzaamheid), het verplaatsen van zorg (naar huis of dichtbij de patiënt) en het vervangen van zorg (door digitale toepassingen en e-health). Deze bewegingen hebben ingrijpende financiële consequenties voor zowel zorgaanbieders als zorgverzekeraars. De opgave is echter: hoe vertalen de ambities zich naar concrete financiële afspraken in de contractering? Op basis van onze ervaringen onderscheiden we vijf mogelijke trends die de komende jaren de contractering kunnen gaan typeren.

1. Meer meerjarenafspraken

Zorgtransformatie vraagt om stabiliteit en voorspelbaarheid over meerdere jaren. Eenjarige contracten bieden daarvoor onvoldoende houvast. Meerjarenafspraken creëren ruimte om te investeren in nieuwe zorgprocessen, digitale toepassingen en andere manieren van inzetten van personeel. Daarnaast versterken meerjarencontracten de samenwerking tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. Partijen volgen gezamenlijk de voortgang van transformatie, evalueren periodiek en sturen bij waar nodig. De relatie verschuift daarmee van jaarlijkse onderhandelingen naar een partnerschap waarin verzekeraars niet alleen betaler zijn, maar mederegisseur van de transformatie, voor nu en mogelijk ook voorbij de looptijd van het IZA.

Een voorbeeld is het ETZ, dat meerjarige contracten heeft met de zorgverzekeraars VGZ en CZ. Binnen deze contracten wordt voor meerdere jaren een vast budget afgesproken, waardoor jaarlijkse onderhandelingen minder dominant worden. Het doel is om ruimte te creëren voor zorgtransformatie en kwaliteitsverbetering.

2. Meer resultaatafspraken

IZA en AZWA kunnen gaan zorgen voor een verschuiving van vergoeding op basis van volume naar financiering op basis van maatschappelijke en regionale zorgbijdrage. Contracten zullen zich mogelijk minder richten op productie en tarieven, en meer op inhoudelijke prestaties.

In transformatieplannen worden deze prestaties vaak vastgelegd in mijlpalen die niet direct financieel van aard zijn, zoals het maken van nieuwe werkafspraken, het trainen van medewerkers of het realiseren van datakoppelingen. Hierdoor raken zorgcontractering en strategie nauwer met elkaar verweven. Contracten worden een instrument om beweging te creëren richting passende zorg, digitale zorg en arbeidsmarkthoudbaarheid, in plaats van enkel een middel om productie af te rekenen.

Zo werken het Maasstad Ziekenhuis en Zilveren Kruis met een meerjarig waardegedreven contract. De bekostiging verschuift van aantal behandelingen (volume) naar kwaliteit en uitkomsten van zorg (waarde voor de patiënt). Er wordt gewerkt met een gezamenlijk meetsysteem met prestaties op bijvoorbeeld verminderen van wachtlijsten, voorkomen van onnodige IC-opnames en verbeteren van kwaliteit en toegankelijkheid van zorg.

3. Meer contractvariatie

De akkoorden breken met het idee dat alle zorg via hetzelfde contractmodel wordt gefinancierd. Het is nodig dat de contractering aansluit bij de maatschappelijke functie van zorg, de mate van planbaarheid en de schaarste aan personeel en infrastructuur. In de nieuwe situatie van IZA en AZWA ontstaat naar onze verwachting meer variatie: verschillende subcontracten op basis van beschikbaarheid, productie en transformatie van zorg. Zo kunnen contracten de acute zorg vrijwaren, de electieve zorg veranderen en het personeel ontlasten. Praktisch betekent dit dat binnen één ziekenhuis er een beschikbaarheidsbudget is voor de SEH/IC, er PxQ-afspraken zijn voor orthopedie, er bandbreedtecontracten komen voor dagbehandeling en er meerjarenafspraken zijn voor regionaal cruciale functies. Dit sluit aan bij de huidige kavels met verschillende prikkels die verzekeraars nu al toepassen.

4. Meer verschuivingen

Zorgtransformaties leiden onvermijdelijk tot structurele kostenverschuivingen. Denk aan hogere IT-kosten voor digitale zorg, investeringen in dataplatforms, het vrijspelen van personeel en het verplaatsen van zorg binnen regionale ketens. Deze veranderingen beïnvloeden het exploitatierisico van zorgorganisaties.

Volumeafhankelijke afspraken zijn daardoor niet langer overal passend. De behoefte aan alternatieve bekostigingsvormen groeit. Nieuwe betaaltitels, budgetverschuivingen en regionale afspraken worden steeds belangrijker om deze veranderingen op te vangen en om risico’s op een evenwichtige manier te verdelen.

5. Meer gelijkgerichtheid

Regionale transformatieprocessen vragen om afstemming tussen zorgverzekeraars. Dit geldt met name bij verschuivingen naar aanneemsommen of lumpsum-achtige afspraken, waarbij investeringen in transformatie ten goede komen aan de gehele regio en de baten niet exclusief aan één verzekeraar toevallen. Tegelijkertijd is concurrentie een essentieel onderdeel van het zorgstelsel. De uitdaging is daarom het vinden van een balans: voldoende afstemming om regionale transformatie mogelijk te maken en meelifteffecten te beperken, zonder de ruimte voor eigen strategische keuzes en concurrentie tussen verzekeraars te ondermijnen. Gelijkgericht contracteren betekent daarmee niet uniformiteit, maar samenhang waar dat nodig is.

Tot slot

De mate waarin het IZA daadwerkelijk tot duurzame transformatie leidt, is op het moment van schrijven nog onzeker. De ambities zijn groot, maar de impact hangt af van de uitvoering in de praktijk. Wel is duidelijk dat de beweging wordt doorgezet, onder meer via de AZWA-doorbraakmiddelen. Voor 2027 tot en met 2029 is 800 miljoen euro beschikbaar voor de opschaling van arbeidsbesparende AI, medische technologie en digitale en hybride zorg.

Tezamen kunnen IZA en AZWA de zorgcontractering fundamenteel laten verschuiven: van prijs en volume naar samenwerking, innovatie en transformatie. Dat maakt contractering strategischer en toekomstgerichter, maar ook complexer. Deze verschuiving vraagt om een andere manier van samenwerken: minder als opponenten en meer als partners die gezamenlijk verantwoordelijkheid dragen voor de regionale zorgopgave. Het onderhandelingsspel verdwijnt zeker niet, maar de basis verschuift naar gezamenlijke ontwikkeling.

Tegelijkertijd heeft deze ontwikkeling implicaties die verder reiken dan contractering. De verschuiving van zorgvolume en -gebruik raakt bijvoorbeeld het systeem van risicoverevening, dat grotendeels is gebaseerd op historisch zorggebruik en jaarlijkse herverdeling. Hierdoor kunnen financiële prikkels achterblijven bij de meerjarige effecten van transformatie, wat spanning creëert tussen beleid en bekostiging.

De akkoorden raken daarmee de contractvernieuwing en ook de verdere ontwikkeling van het stelsel zelf. Dit blijkt wel uit de opdracht aan de Staatscommissie Zorg uit het coalitieakkoord 2026-2030. Deze commissie gaat zich bijvoorbeeld buigen over de vraag hoe de financiële prikkels in het stelsel zo ingericht kunnen worden dat de schaarse mensen en middelen zo goed mogelijk worden ingezet.

Daarmee staat de zorgcontractering op een kantelpunt van transactioneel instrument naar motor voor transformatie. De komende jaren zullen uitwijzen in hoeverre partijen erin slagen deze rol daadwerkelijk waar te maken. Succes vraagt in ieder geval om meer dan nieuwe contractvormen. Het vereist een fundamenteel andere manier van samenwerken, sturen en verdelen van risico’s.

Dit artikel verscheen eerder in Nieuwsbrief Zorg en Innovatie (1 september 2026).

Over de auteur

Walter Kien is partner bij Vintura. Hij is tevens gastonderzoeker aan de Erasmus School of Health Policy & Management (ESHPM). Daar doet hij onderzoek naar de effectiviteit van het Integraal Zorgakkoord binnen een marktgereguleerd zorgstelsel. Deze academische verdieping versterkt zijn analytische blik en draagt bij aan het ontwikkelen van vernieuwende perspectieven voor complexe zorgvraagstukken.

Neem voor vragen of een vervolggesprek over zorgcontractering contact op met Walter via walter.kien@vintura.com.

Veelgestelde vragen

Wat betekenen het IZA en AZWA voor de zorgcontractering?

Zorgverzekeraars gebruiken het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord (AZWA) nadrukkelijk als uitgangspunt voor hun zorginkoop. Daardoor verschuift de zorgcontractering van afspraken over productie en prijs naar een instrument om zorgtransformatie te realiseren: het voorkómen, verplaatsen en vervangen van zorg.

Wat is het verschil tussen meerjarenafspraken en resultaatafspraken?

Meerjarenafspraken leggen de financiering voor meerdere jaren vast, bijvoorbeeld met een vast budget, zodat zorgaanbieders ruimte krijgen om te investeren in nieuwe zorgprocessen en digitale toepassingen. Resultaatafspraken koppelen de vergoeding aan inhoudelijke prestaties, zoals kortere wachtlijsten of betere kwaliteit en toegankelijkheid, in plaats van aan het aantal behandelingen. In de praktijk worden beide vaak gecombineerd, zoals in het meerjarige waardegedreven contract van het Maasstad Ziekenhuis en Zilveren Kruis.

Wat houdt contractvariatie binnen één ziekenhuis in?

Bij contractvariatie worden verschillende soorten zorg binnen één ziekenhuis via verschillende contractvormen gefinancierd. Denk aan een beschikbaarheidsbudget voor de SEH en IC, PxQ-afspraken (prijs maal hoeveelheid) voor planbare zorg zoals orthopedie, bandbreedtecontracten voor dagbehandeling en meerjarenafspraken voor regionaal cruciale functies. Zo sluit de financiering aan bij de maatschappelijke functie en de planbaarheid van de zorg.

Waarom is afstemming tussen zorgverzekeraars nodig bij regionale zorgtransformatie?

Bij regionale transformatie, zeker bij aanneemsommen of lumpsum-achtige afspraken, komen investeringen ten goede aan de hele regio en niet alleen aan de verzekerden van één verzekeraar. Zonder afstemming ontstaan meelifteffecten. Tegelijk blijft concurrentie tussen verzekeraars een essentieel onderdeel van het stelsel. Gelijkgericht contracteren betekent daarom samenhang waar dat nodig is, geen uniformiteit.

Wat betekent zorgtransformatie voor de risicoverevening?

De risicoverevening is grotendeels gebaseerd op historisch zorggebruik en jaarlijkse herverdeling. Als zorgvolume en zorggebruik structureel verschuiven, kunnen de financiële prikkels achterblijven bij de meerjarige effecten van transformatie. Dat creëert spanning tussen beleid en bekostiging, een vraagstuk dat ook raakt aan de opdracht van de Staatscommissie Zorg.

Bronnen

  1. CZ, Zorginkoopbeleid Medisch specialistische zorg 2027. https://zorginkoopbeleid.cz.nl/medisch-specialistische-zorg-2027
  2. Zilveren Kruis, Beleid MSZ 2027. https://www.zilverenkruis.nl/zorgaanbieders/zorgsoort/msz/beleid-en-contract/2027
  3. NZa Magazine, ‘Meerjarig contract basis voor vertrouwen en transformatie’ (2021). https://magazines.nza.nl/nza-magazines/2021/02/meerjarig-contract-basis-voor-vertrouwen-en-transformatie
  4. ETZ, ‘ETZ en CZ continueren samenwerking passende zorg’ (september 2025). https://www.etz.nl/actueel/etz-cz-continueren-passende-zorg/
  5. Maasstad Ziekenhuis, ‘Maasstad Ziekenhuis en Zilveren Kruis sluiten waardegedreven zorgcontract versie 3.0’ (oktober 2024). https://www.maasstadziekenhuis.nl/nieuws/maasstad-ziekenhuis-en-zilveren-kruis-sluiten-waardegedreven-zorgcontract-versie-30
  6. Zorgakkoorden.nl, Doorbraakmiddelen AZWA. https://www.zorgakkoorden.nl/programmas/aanvullend-zorg-en-welzijnsakkoord/doorbraakmiddelen/
  7. Skipr, ‘Staatscommissie Zorg krijgt ongeveer twee jaar de tijd en twee miljoen euro’ (mei 2026). https://www.skipr.nl/nieuws/staatscommissie-zorg-krijgt-ongeveer-twee-jaar-de-tijd/

Delen
Strategie, data en transformatie komen pas echt tot waarde wanneer ze samenkomen in de praktijk